17/12/2020
12 Schitterende Verhalen met een Gouden Randje
Deel 12: The Golden Nugget
De finale! We maken intussen al 12,5 jaar samen met onze klanten de mooiste ontwerpen om prachtige sieraden mee te smeden. Vaak hebben de ideeën een bijzondere achterliggende gedachte die het delen meer dan waard is.
De afgelopen maanden hebben we namens onze klanten een aantal liefdevolle, dierbare en ontroerende verhalen verteld die aan de basis liggen van het moois dat wij voor hen mochten maken. Dit is de laatste...
Veel leesplezier!
Groet,
Mirjam & Ruud
***
THE GOLDEN NUGGET
‘Klingeling!’
Het belletje van het atelier aan het Wilhelminaplein vult de ruimte met zijn vrolijke geluid.
‘Klingelingeling’ klinkt het nog een keer. Voor de deur staat een gesoigneerde heer op leeftijd, hand in hand met zijn charmante echtgenote. Ruud verlaat zijn plek aan de werkbank en opent de deur met een brede zwaai.
“Welkom, gezellig dat u er bent!”
“Dag Ruud”, klinkt het. “Wij vinden het ook gezellig hoor, dat we er zijn.”
De heer laat zijn vrouw voorgaan en vervolgt lachend:
“Ik ben zo benieuwd wat jullie voor ons kunnen betekenen want eerlijk, tot nu toe heb ik nog steeds geen idee wat we moeten doen.”
“Dat klinkt alvast als een leuke uitdaging, gaat u lekker zitten, dan zorgen we eerst even voor de inwendige mens en dan ben ik benieuwd naar uw verhaal.”
Even later staan vier heerlijk geurende koppen koffie te dampen op tafel. Mirjam zet er nog een goudgerand schaaltje met pastelgekleurde petitfours bij en schuift aan. De heer haalt omzichtig een klein doosje uit de binnenzak van zijn jasje en legt het in het midden van de tafel.
“Maak maar open”, zegt hij vriendelijk.
Ruud opent het doosje en kijkt verbaasd.
“Een gouden nugget? Dat is bijzonder, die heb ik nog niet eerder als bezit van een van onze tafelgasten gezien.”
De man lacht.
“Dat begrijp ik, het is ook heel bijzonder hoe dit klompje goud bij ons terecht is gekomen.”
Hij neemt een slok van zijn koffie en begint te vertellen.
“Het was begin jaren tachtig, vlak voor Kerstmis. Ik was gezagvoerder op een DC-10 en we stonden nog aan de grond op het vliegveld van Lomé, de hoofdstad van het West-Afrikaanse Togo. In die tijd waren de meeste pre-flight briefing kamers wegbezuinigd en was het meer regel dan uitzondering dat we de paperassen in de cockpit geleverd kregen. Het was verre van ideaal om de stapel met het vliegplan, de meteogegevens, het laadplan enzovoort in de nauwe cockpit op schoot door te nemen. Daarom verhuisden mijn copiloot en ik met de papierwinkel onder de arm naar de Royal Class en bombardeerden de console op de eerste rij, waar normaalgesproken de kranten en tijdschriften lagen, tot ons tijdelijke bureau. De aanwezigheid van passagiers stoorde ons niet, we voerden ons gesprek in het Nederlands, af en toe aangevuld met wat Engels vakjargon. De meteogegevens toonden aan dat er in Amsterdam bij aankomst mist werd verwacht. In de wintermaanden kan dat hardnekkig zijn maar voor hetzelfde geld heb je een beetje geluk en kan in de middag ‘de zon er doorheen branden’, zoals we dat noemden. Had je die mazzel niet dan werd het met de exacte hoeveelheid brandstof die de maatschappij voorschreef krap. Er was dan weinig marge om nog een paar extra rondes in de lucht te draaien of -indien noodzakelijk- uit te wijken naar de luchthaven van Brussel of Düsseldorf. We besloten af te wijken van het reglement en ‘de kist op te toppen met 10 ton extra fuel’. Dat zou ons een uur extra marge opleveren boven Schiphol en ach, de kleine vertraging die we opliepen omdat de tankdienst nog even langskwam namen we voor lief. ‘Die is voor vrouw, kinderen en een vrolijke kerst’, zeiden we lachend.
We vertrokken iets later dan gepland en toen we op kruishoogte vlogen kwam de purser binnen met een visitekaartje van een Royal Class passagier. Altijd leuk dus we nodigden de man uit in ons vliegende kantoor. Hij bleek een Amerikaanse goudhandelaar te zijn met een meer dan gemiddelde kennis omtrent vliegen; als hobby bestuurde hij sportvliegtuigjes. Zodoende had hij uit ons half-Engelse vliegersjargon begrepen dat ik maar liefst tien ton extra fuel had meegenomen als veiligheidsmarge bij de verwachte mistomstandigheden. Hij zei letterlijk: “I knew that the weather in Amsterdam is at least marginal. You made the right decision by ordering extra fuel. I really feel myself in good hands. Thank you Captain.” Dat vond ik al bijzonder want in de cockpit hoor je niet vaak een complimentje van een passagier. Maar hij was nog niet klaar, hij vroeg of ik een girlfriend had.”
Hij knipoogt even naar zijn echtgenote en vervolgt stralend:
“Nou, die had ik en toevallig zat ze bij mij op dezelfde vlucht. Hij wilde haar graag ontmoeten dus niet veel later stapte zij de cockpit binnen. Ik stelde haar voor aan de Amerikaan die glimlachend zei ‘She’s far too beautiful for you. And in appreciation for your airmanship, I have a present for her’. Tot onze stomme verbazing haalde hij een nogal vormeloze, half mat, half glimmende metalen klont tevoorschijn. Hij vervolgde: ‘This is under the condition that you have it made into a necklace or other piece of jewellery for her’. Ik keek hem verbaasd aan en zei hem dat mijn beslissing gebaseerd was op het gebruikelijke safety first en dat noch ik, noch mijn aanstaande vrouw recht hadden op zo’n cadeau. Hij wuifde mijn bezwaren weg en zei typerend ‘When in the war the Commander gets the merits AND the medals’. Hij was duidelijk niet van plan om ‘nee’ te accepteren, zodoende hebben we verlegen zijn royale gebaar geaccepteerd. En nu ligt de nugget, na zo’n dertig jaar in een kluis te hebben gelegen, hier bij jullie om onze belofte aan hem in te lossen. Ik heb alleen geen idee wat je kunt maken van zo’n goudklompje.”
De goudsmeden kijken elkaar lachend aan.
“Wij wel hoor”, zegt Ruud en hij vertelt over de eerste stap, het omzetten van het ‘zachte’ 24-karaats goud naar 18-karaats goud om het kostbare materiaal sterker te maken en de kleur te beïnvloeden. Mirjam slaat haar schetsboek open en begint te tekenen. Na een klein uurtje vertrekken de dame en heer opgetogen met een schets in de binnenzak.
Als Ruud de deur achter de gasten heeft gesloten draait hij zich om naar zijn vrouw.
“Dat is toch onvoorstelbaar, dat je een ‘golden nugget’ cadeau krijgt, vrijwel direct vanaf het land waar het gevonden is?”
Mirjam glimlacht.
“Dat is het zeker. Ik kan me zelfs voorstellen dat het vreemd moet zijn om afscheid te nemen van de huidige vorm.”
“Daar zeg je wat.” Hij denkt na.
“Weet je wat leuk is?! Als we voor de piloot en zijn ‘golden girl’ als verrassing een zilveren kopie van de nugget maken. Daarmee kan hij de volgende keer dat hij dit prachtige verhaal vertelt tastbaar maken hoe onbaatzuchtig vreemdelingen soms zijn.”
Hij schudt nog een keer geamuseerd zijn hoofd.
“Dit was een schitterend verhaal met een gouden randje.”
***
Nieuwgierig naar de originele nugget en het maakproces van de armband? Of naar de andere verhalen? Je vindt het op https://www.ateliernw.nl/over-ons/blog/.