04/05/2026
Zigeuners in Auschwitz
In 1944 ging het zigeunertransport vanaf Westerbork met daarop 241 Nederlandse Roma en Sinti.
Zij worden ondergebracht in sectie BIIe van het Auschwitz-Birkenau, beter bekend als 'het Zigeunerlager'. Sinti, Roma en reizigers vanuit alle bezette Europese gebieden zitten hier gevangen. De Nederlandse gedeporteerde Roma& Sinti gaan naar Barak 18, het Hollanderblock. Omdat de Nazi's het niet voor elkaar krijgen om het scheiden van families, (mannen,vrouwen en kinderen) geordend te laten verlopen is het Zigeunerlager een familiebarak.
Al een jaar lang is het Zigeunerlager in Auschwitz in gebruik wanneer de Nederlandse gedeporteerde aan komen. Bij aankomst krijgen Roma& Sinti de letter Z en een nummer getattoeerd. Wanneer bij kinderen de armpjes nog te klein waren kregen zij het serienummer en de letter Z getattoeerd op hun dij. Getuigen en overlevenden vertellen dat dit proces soms de hele nacht duurde.
Over het Zigeunerlager in Auschwitz zegt Herman Langbein, 'Ik heb veel gezien in Auschwitz, maar dat wat ik daar gezien heb was erger dan al het andere'
De familiebarak, het Zigeunerlager in Auschwitz bestaat niet lang. Wegens de verwachte aankomst van tenminste 100.000 Hongaarse Joden gaat de SS over op het ontruimen van het Zigeunerlager. De Sinti en Roma verzetten zich echter zo hevig dat de SS besluit de actie af te breken. Uiteindelijk wordt er een selectie gemaakt, 1500 mensen worden vanuit Auschwitz naar Buchenwald en Ravensbruck gestuurd. Onder hen bevinden zich 75 mensen van Nederlandse komaf. 75 vrouwen worden gestuurd naar Ravensbruck en worden daar te werk gesteld, het werk is echter zo zwaar dat de meeste het einde van de oorlog niet halen.
Op 1 augustus voert de SS toch de actie uit voor het ontruimen van het Zigeunerlager. Het verzet is ditmaal weinig omdat de overgebleven Roma, Sinti en reizigers oude mensen zijn, jonge kinderen en vrouwen. De gehele nacht voor de SS vergassingen uit. De laatste van hen die zich verstopt hadden worden de volgende ochtend opgespoort en vermoord.
Dankzij een dappere Poolse gevangene zijn er namen bewaard gebleven van het reizigervolk dat binnen kwam in Auschwitz. 20943 namen zijn bewaard gebleven, 1700 poolse Roma & Sinti zijn niet geregistreerd, zij werden bij aankomst direct vermoord.
Van de 2300 Sinti en Roma gevangenen kwamen er naar schatting 20000 om . 5700 door vergassing, andere door arbeid of andere zware omstandigheden.
Tinus van Mullem, Sinti vertelt in zijn memoires 'Want van een Nederlandse man hoorde ik dat de Zigeuners vochten als wilde paarden,of het nu mannen,vrouwen,of kinderen waren.Ook tijdens het proces over Auschwitz zij een SS-er met een hoge functie datr de zigeuners het moeilijkste waren om te vergassen' Uit deze tekst spreekt weemoed en bewondering voor zijn volk. Ome Tinus overleefde de oorlog zonder in een concentratiekamp te hebben gezeten . Hij maakte veel mee , zijn verhaal is te lezen in de post onder de portret tekening . Helaas overleefde velen de oorlog niet .
Mogen hun herinnering een zegen zijn
Een voor mij ontzettend bekend gezicht, vriendelijke bruine ogen, zwaar Haags accent en altijd onberispelijk gekleed. Ome Tinus van Mullem, altijd had hij voor mij een lach en altijd stelde hij dezelfde bezorgde vraag ‘kind je rookt toch niet hé ?’ waarop ik steevast naar waarheid antwoorde ‘Nee ome Tinus, ik rook niet’
Ome Tinus was een bijzonder persoonlijkheid met een indrukwekkend levensverhaal. Zo was voor de 2de wereld oorlog het leven voor de Roma en Sinti in Europa niet gemakkelijk, zij waren vaak ongewenst en werden gewantrouwd. Vaak werd er al gewaarschuwd wanneer zij de streek binnen kwamen. Voor de Roma en Sinti veranderde er dus aan het begin van de 2de wereldoorlog nog weinig, dit veranderde echter snel, zo ook voor ome Tinus. Uit angst voor vervolging door de Duitse overheerser lied zijn moeder het gezin niet registreren. Hierdoor viel helaas ook de voedselbonnen weg en moest de toen jonge ome Tinus voedsel stelen zodat het gezin kon eten. Hoewel hij een Sinti was had hij de mazzel eruit te zien als een gewone burger jonge, hierdoor kon hij makkelijker tussen de mensen op gaan als het ging om het zoeken naar voedsel. Ome Tinus was 9 jaar toen de oorlog uitbrak. Hij was de oudste zoon van het huishouden en leerde zichzelf aan om brandstof en eten te stelen voor het overleven. Toen ome Tinus 13 jaar oud was is er 3 keer gericht op hem geschoten door de Duitsers, dit gebeurde toe hij kolen stal, dit werd gezien als sabotage, uiteindelijk gooide hij de kolen over het viaduct en sprong erachteraan waarbij hij zijn enkel brak, al strompelend met de kolen maakte hij zich uit de voeten en toen de Duitse soldaat hem zag strompelen lied hij hem gaan. Uit de memoires van ome Tinus "Een paar vrouwen gooiden een ruit in van een winkel en grepen spullen. Ik pakte snel een kaas en was meteen weer weg. Een andere knaap wachtte te lang en werd gepakt. Hij werd doodgeschoten. Ze lieten hem drie dagen liggen om te dienen als afschrikwekkend voorbeeld",
In 1943 was Den Haag te gevaarlijk en ging ome Tinus te voet naar Drenthe waar hij bij een vriendelijke boer terecht kon.
Aan het einde van de oorlog, toen de jonge ome Tinus verder trok liep hij een huifkar tegemoet, met een man, een vrouw en een aantal kale kinderen, hij dacht ‘russen, laat ik daar maar eens omheen lopen’ Toen hij naderbij kwam herkende hij zijn eigen ouders en broertjes en zusjes, zo voegde hij zich weer bij hen. Nadat zij de oorlog overleefde was het leed niet geleden, zo heeft zijn moeder zodra zij terug was in Den Haag elke dag op het station gestaan in de hoop dat haar familie daar aan zou komen. Een van de herinneringen van ome Tinus is dat zijn moeder ’s nachts uit bed ging omdat de politie aanbelde ’Mevrouw , u deur staat open’ sprak de agent, waarop de moeder van ome Tinus antwoorde’ deze moet ook open blijven, want als mijn familie terug keert moeten zij gelijk naar binnen kunnen ‘
Tijdens de herdenking van 75 jaar Westerbork verteld Tinus van Mullem ‘ "Want van een Nederlandse man hoorde ik dat zigeuners vochten als wilde paarden, of het nu mannen, vrouwen of kinderen waren. En ook tijdens het proces over Auschwitz zei een SS-er in een hoge functie dat de zigeuners het moeilijkste waren om te vergassen", Uit deze tekst spreekt een weemoed en bewondering voor zijn volk.
Voor ome Tinus was dit gelukkig niet het einde van zijn verhaal, op latere leeftijd leerde hij Jezus kennen en hoewel hij veel verdriet in zijn leven heeft gekend heeft hij met veel vreugde en liefde en een rotsvast vertrouwen zijn dagen afgemaakt al wandelend met de Heer . Ome Tinus ging van ons heen zoals ik hem kende, vriendelijk , in rust en vol vertrouwen op G’d . Toen hij aan de dokters vroeg of er nog iets voor hem gedaan kon worden vertelde zij hem ’Nee meneer, u gaat sterven’ ome Tinus was niet bang om zijn Heiland te ontmoeten en sprak ‘Dan zal ik heen gaan als een held’. Hij voegde de daad bij het woord, hij zong op zijn sterfbed, met kinderen en kleinkinderen liedjes van de Heer en ging vol liefde, vrede en rust , zonder enige angst zijn verlosser tegemoet. Hij stierf op 91 jarige leeftijd, niet slechts als een holocaust overlevende, maar als een ware geloofsheld.
Mogen zijn herinnering een zegen zijn.
Zigeunerlager