15/01/2016
‘De kunstenaar is al dagen van slag’, sprak Bo. ‘Hij leest, kijkt en luistert naar, zoals hij dat noemt; objectieve kunst!’
KUNST! - TED talk.
‘Ik heb een verzoek aan jullie’, zei de slak tegen de muis en de kikker.
‘Hoor jij wat, muis?’
Bo greep gelijk in en zei; ‘luister nou een keer naar de slak. De slak heeft echt een leuk en lekker voorstel voor jullie’.
‘Steek maar van wal, slak’, zei de muis.
,Nou, ik ben van de zomer naar een TED talk geweest in de Philharmonie in Haarlem. Maar mijn tocht duurt nogal voor ik er ben, dus was ik twee maanden te laat. Nu is er volgende week weer een TED talk en die zou ik graag willen bezoeken’.
‘Heb je het over Ted, de tor die hier altijd in het atelier rond loopt, slak?’
‘Nee, TED talks zijn interessante lezingen op mondiaal gebied van vooraanstaande mensen, die iets op gebied van Technologisch-, Entertainment-, dan wel Design wat nieuws te vertellen hebben. Zo een lezing duurt niet langer dan 18 minuten en dienen tot inspiratie voor de toehoorders. De meesten zijn op Youtube te vinden. Deze spreker houdt een referaat waarin hij de oplossing verwoord het mondiale hongerprobleem in één hap op te lossen’.
‘En wat wil jij nou van ons, slak?’
‘Nou als ik nou op jouw rug mag zitten, muis. En jij rent mij naar de Philharmonie dan ben ik deze keer zeker op tijd voor de lezing. Als de kikker mee rent, kan hij een kilo kaas van mij meenemen en kan hij die tijdens de lezing in brokken snijden en aan jou opvoeren. Is dat een deal?’.
‘Dat is de moeite waard’, zei de muis. ‘ Wat een rot woord is dat Philharmonie’.
‘Ja’, zei Bo. ‘Het woord ligt niet lekker in de mond, en toch handhaven ze het. Eigenwijs hè. Het woord loopt niet’.
‘Als je de ‘l’ weglaat loopt het woord wel’, riep de Slak.
‘Het loopt niet, het loopt niet…kan een woord nu ook al lopen’, zei de muis verbaast. ‘Eerst is een woord een aantal letters, daarna is een letter ook een woord en nu kan het ook nog lopen! Het moet niet gekker worden’.
‘Mijn neus kan ook lopen’, zei de kikker. Maar hij werd ruw in de reden gevallen door Bo; ‘ luister nou eens naar de slak, gaat het nou door of niet?’
‘Wat mij betreft wel’, zei de muis. ‘Die lezing interesseert me geen lor, als die kaas maar meegaat.’
‘Doen we’, zei de kikker, ‘wanneer gaan we.’
En zo zat de slak een week later pontificaal, een beetje nerveus, op de achterste rij van de zaal die ongeveer 500 bezoekers herbergde. De kikker begon direct met kaasblokken snijden om de muis rustig te houden. En de muis werkte het eerste blok smakkend en kauwend met bijgeluiden, met plezier weg.
Professor Burger uit Zwolle werd door de voorzitter van het organisatie comité, mevrouw Jubbel, aangekondigd en met luid applaus door de zaal ontvangen. De lezing zou in dit geval 15 minuten duren, hetgeen ook onverbiddelijk door een grote klok op het podium werd aangegeven.
De professor zei eigenlijk in zoveel woorden, dat als ieder mens per dag tijdens het eten 5 minuten langer zou kauwen, je aan de helft van het voedsel genoeg zou hebben. Brokken naar binnen happen was uit den boze: Kauwen, 5 minuten langer dan normaal! De spijsvertering zou beter werken, het honger gevoel zou eerder weg zijn e.d.
Hij toonde aan, als je dit deed dat je voor het zelfde geld aan een halve kroket, een halve patat zak of een halve hema worst genoeg had. De andere helft was simpelweg overbodig en kon dus aan een ander gegeven worden! Hij rekende voor dat als 4 miljard mensen deed deden er eten ontstond voor 8 miljard mensen. Honger? Verleden tijd! Al die helftjes moesten wel nog even precies in de reguliere honger- en oorlogsgebieden afgeleverd worden maar dat was een logistieke kwestie. Dat was nu niet aan de orde.
Iedereen was sprakeloos en de zaal viel stil op het gesmak en gekauw van de muis na. Maar niemand wist van hun bestaan af.
De zaal hoorde het gesmak wel, maar dachten allen dat de professor dit geluid expres in het leven had geroepen om zijn referaat te ondersteunen. Terwijl de professor juist dacht dat de zaal hem een loer draaide en dit geluid uit hilarische motieven ten gehore bracht. Hij werd er nerveus van en ging derhalve steeds sneller praten. Het zweet brak hem uit toen hij op de klok keek en er pas 10 minuten om was terwijl hij al aan het eind van zijn referaat was. Er was nog vijf minuten te gaan en hij wist deels van woede niet meer wat hij moest zeggen.
De zaal dacht daar anders over. Ze zagen dat de klok nog 5 minuten te gaan had en dachten dat deze 5 minuten bewust gehanteerd was door de professor om zijn visie te onderstrepen. En terwijl het gesmak van de muis steeds duidelijker te horen was, besloot de eerste rij op min of meer komische wijze ook allemaal smakgeluiden te gaan maken. De tweede rij volgde en binnen een mum van tijd zat de hele zaal, zo genaamd, te smakken. Sommigen maakten er eet-gebaren bij kortom het werd één groot feest, ze gierden het uit! Wat een middag. Het geld dubbel en dwars waard.
Toen de klok het eind signaal gaf stond de zaal massaal op en gaf de professor een staande ovatie. De professor was stom verbaasd.
Mevrouw Jubel (ze had een oogje op de penningmeester naast haar) stond van de organisatie tafel op en bracht de professor de gebruikelijke bos rozen. Terwijl ze naar hem toeliep beet ze, voor de grap, in een roos, voelde een doorn in haar onderlip steken en overhandigde al smakkend met de roos in de mond de bos aan de professor. Die nam de bos aan, boog beleefd naar voren en kuste, terwijl hij de doorn, zonder het te weten, verder in haar lip duwde, mevrouw Jubel vol op de mond. Die maakte een afwerende schrikbeweging waardoor de professor dacht dat ie uit zijn mond stonk en snel een stap terug nam.
De zaal ging bij de overhandiging van de rozen weer en masse staan en als eerbetoon klapte ze nu niet maar gingen ze allemaal vrolijk en smakelijk smakken terwijl ze met hun handen trillende bewegingen maakten. Het was meer dan indrukwekkend om te zien
Bij het terug lopen naar de organisatietafel probeerde ze de pijnlijke doorn uit haar lip te peuteren en zag het microfoon snoer over het hoofd waardoor ze een smak maakte en de doorn nog verder in haar lip verdween. De penningmeester rende geschrokken naar haar toe, hielp haar overeind en zei dat hij de doorn bij haar zou uitzuigen.
‘Hier?’ vroeg ze aan hem.
‘Nee, laat ik dat maar beneden in ons kleedzaaltje doen’, zei de penningmeester. ‘Ga maar met me mee’.
‘Nog even’, antwoordde mevrouw Jubel. Ze liep naar de tafel waar nog een achter gebleven roos op lag met een flinke doorn. Snel legde ze de roos op haar stoelzitting en ging er opzitten. Ze voelde direct de venijnige prik en zei vervolgens tegen de penningmeester; ‘ik ga met je mee’.
De muis, vol gevreten, de kikker en de slak, geheel beduusd, waren allang weer weg. Een kwartier later waren ze weer bij het atelier. Ze moesten naar binnen sluipen want de kunstenaar zat er samen met een uitgever. De uitgever wilde zijn boekje wel uitgeven. Daar was de kunstenaar wel gelukkig mee. Ze spraken over de consequenties van het uitgeven van zijn boekje ‘KUNST!...
Wordt vervolgd.